We lopen door de autotunnel. Een stukje Rotterdamse toekomst op ware grootte. De vernieuwde Maastunnel, nagebouwd in een mock-up. Geen technische tekeningen, geen spreadsheets – maar nieuwe verlichting, veiligheidsmaatregelen, tegels, leuningen. Mensen lopen erdoorheen. Kijken. Denken na. Stellen vragen.
Voor Diederik van Zanten was dit een cruciaal moment in het project.
“We konden technisch alles uitleggen”, zegt hij. “Maar mensen willen niet alleen informatie. Ze willen zich gezien en gehoord voelen.”
Die les – relatie vóór informatie – is hem bijgebleven. Niet alleen bij de renovatie en restauratie van de Maastunnel, maar in alles wat hij sindsdien doet. Ook als lid van de Programmaraad van Fonds Fysieke Leefomgeving, waar hij in juli vorig jaar aan boord kwam.
“Ons werk lijkt rationeel”, zegt hij. “Maar de psychologie is minstens zo bepalend.”
Wat maakt een project voor hem echt waardevol? Natuurlijk: binnen tijd en budget opleveren. Maar dat is niet zijn eerste antwoord.
“Het gaat mij om hoe we het eindresultaat bereiken. Hebben mensen een leuke tijd gehad? Was het veilig? Waren de opdrachten haalbaar?”
Voor Diederik is een veilige werkomgeving, op kantoor én op de bouwplaats een basisvoorwaarde. En bij veiligheid hoort ook realisme. “Te krap plannen of te weinig budget vragen lijkt misschien ambitieus, maar het legt druk op mensen. Uiteindelijk betaalt het team de prijs.”
Daar zit voor hem een kern: niet alleen sturen op het object, maar ook op het systeem waarin mensen werken.
Diederik van Zanten
In publieke projecten ziet hij steeds weer hetzelfde mechanisme terug. In de vroege fase overheerst enthousiasme. Realisme voelt dan al snel als tegenkracht.
“Nieuwe plannen moeten op de kaart worden gezet. Dan is de verleiding groot om kosten te onderschatten en opbrengsten te overschatten. Iedereen herkent die dynamiek. Maar er echt iets aan doen is moeilijk.”
Hij noemt het geen onwil, maar menselijk gedrag. Optimismebias. Wensdenken. De behoefte om iets mogelijk te maken.
“Als iedereen zijn project net iets te optimistisch begroot, lijkt het alsof je binnen hetzelfde budget meer projecten kunt uitvoeren. Alleen moeten we dan niet verbaasd zijn als het later toch niet toereikend blijkt.”
Realisme is volgens hem geen gebrek aan ambitie. “Realisme is zorg voor het systeem. Tekorten moeten uiteindelijk toch worden gedekt. En dat kan uit andere beleidsterreinen komen. Dat wil ik mezelf niet aandoen.”
“We worden ingehuurd om serieus werk te verrichten. Dat betekent dat we bestuurders zo goed mogelijk informeren. Meedoen met onderramingen hoort daar niet bij.”
De mock-up van de Maastunnel was meer dan een communicatiemiddel. Het was een oefening in vertrouwen.
“Relatie gaat vóór informatie”, zegt hij. “Als mensen zich serieus genomen voelen, ontstaat ruimte voor het gesprek over inhoud.”
Bezoekers konden ervaren hoe de tunnel eruit zou zien, twijfels uitspreken, kritiek leveren. Dat veranderde het gesprek. Niet zenden, maar luisteren.
Diezelfde houding past hij toe in zijn werk.
“We worden ingehuurd om serieus werk te verrichten. Dat betekent dat we bestuurders zo goed mogelijk moeten informeren. Meedoen met onderramingen hoort daar niet bij.”
Het eerlijke verhaal vertellen is niet altijd wat mensen willen horen, weet hij. “Maar het geeft wel vertrouwen in de relatie.”
Diederik spreekt opvallend vaak over de sociale onderlaag van projecten. Over vertrouwen. Over tegenspraak. Over het benoemen van onzekerheid.
“Het ongemak opzoeken is moeilijk. Maar het negeren van risico’s is funest voor vertrouwen.”
Volgens hem begint volwassen samenwerking bij het vroeg erkennen van onzekerheden. Niet doen alsof alles zeker is, maar samen onderzoeken wat nog niet vaststaat.
“Innovatie en tegenspraak ontstaan alleen als mensen zich veilig voelen om fouten toe te geven of kritische vragen te stellen.”
Psychologische veiligheid is geen soft thema, benadrukt hij. Het bepaalt of teams onder druk in een kramp schieten of samen sterker worden.
Diederik van Zanten
De sector staat onder druk: vervanging en renovatie, klimaatadaptatie, energietransitie. De bewegingsruimte wordt kleiner, terwijl de verwachtingen groter worden.
“Niet kiezen heeft gevolgen”, zegt hij. “Als er bovenin geen keuzes worden gemaakt, komt de druk bij projectteams terecht. Dan zijn we te laat.”
Volgens hem vraagt deze tijd om het durven schrappen van beloftes. Niet omdat ambities niet belangrijk zijn, maar omdat focus nodig is om kwaliteit te leveren.
“Het gaat er nu om met de mensen en middelen die we hebben zo veel mogelijk waarde te realiseren.”
Na 25 jaar praktijk is er ook iets wat hij zelf heeft moeten afleren.
“Het idee dat ik wel weet hoe het zit” zegt hij zonder aarzeling. “Je eigen ego wat minder belangrijk vinden, daar begint het mee.”
Hij glimlacht.
“Als je zelf praat, hoor je niks nieuws.”
Open kijken naar een vraagstuk of persoon is volgens hem niet alleen effectiever, maar ook leuker. “Meningen van anderen verrijken het thema. Je komt tot betere oplossingen.”
Foto: Carel van Hees
Foto: Carel van Hees
Binnen de Programmaraad van het Fonds Fysieke Leefomgeving brengt Diederik juist deze combinatie mee: technische diepgang én aandacht voor gedrag en leiderschap.
In de raad ervaart hij hoe waardevol het is om vanuit verschillende perspectieven naar dezelfde opgave te kijken. “Interesse in de ander en belang zien van een goed besluit helpt om te voorkomen dat we terugvallen in onze eigen koker als het ingewikkeld wordt.”
Voor hem ligt hier een duidelijke rol voor het fonds. Niet alleen nieuwe kennis ontwikkelen, maar vooral bijdragen aan volwassen opdrachtgeverschap, ramingsdiscipline, psychologische veiligheid en het vermogen om lastige keuzes bespreekbaar te maken.
“Ons werk lijkt rationeel, maar de minder rationele kant bepaalt vaak de uitkomst. Als we die kant beter begrijpen en organiseren, worden projecten robuuster.”
Realisme is voor hem geen rem op ambitie. Het is een vorm van zorg.
“Realisme is geen pessimisme”, zegt hij. “Het is een voorwaarde voor systeemgezondheid.”
En precies daar, op het snijvlak van techniek, mens en bestuur, wil hij zich binnen het fonds inzetten.
Over Diederik van Zanten
Diederik van Zanten werkt sinds 1998 bij de gemeente Rotterdam aan grote infrastructurele en stedelijke projecten. Hij was onder meer betrokken bij RandstadRail, Rotterdam Centraal en hij was verantwoordelijk voor de renovatie en restauratie van de Maastunnel.
Naast zijn werk als stadsingenieur en projectmanager is hij:
Zijn inhoudelijke focus ligt op realistisch begroten, robuuste keuzes, volwassen samenwerking en leiderschap in complexe publieke projecten.
Harold Schonewille
06 22 52 61 90
harold.schonewille@fondsfysiekeleefomgeving.nl
Met al uw vragen over Fonds Fysieke Leefomgeving kunt u contact opnemen met Harold. Hij is de programmasecretaris van het fonds. Bekijk eerst de veelgestelde vragen op onze contactpagina.
Regelmatig verstuurt Fonds Fysieke Leefomgeving een nieuwsbrief. Meld u aan en u ontvangt voortaan onze nieuwsbrief in uw inbox.